Wat is een “geaccepteerd” risico bij de blootstelling aan asbesthoudend straalgrit en wie bepaalt dat?

Voor veel gevaarlijke stoffen waarmee mensen op hun werk of via het milieu in aanraking kunnen komen, bestaat een zogenaamde veilige drempelwaarde. Dit is de hoeveelheid (of concentratie) van die stof waarmee u in contact kunt komen, zonder dat enig negatief effect op de gezondheid optreedt.

Voor de meeste kankerverwekkende stoffen, inclusief asbest, bestaat zo’n veilige drempelwaarde niet. Dat betekent, dat ook een heel lage blootstelling, een bepaald risico op gezondheidsschade geeft. Dat risico is bij heel lage blootstelling wel heel erg klein.

In het Nederlandse milieubeleid en arbeidsomstandighedenbeleid wordt voor dit soort stoffen uitgegaan van een zeer kleine kans op een negatief gezondheidseffect dat nog wordt geaccepteerd. Dit omdat het niet mogelijk is om geheel tot “nul” terug te gaan. De SER heeft geadviseerd over de grootte van dit ‘geaccepteerde risico voor werknemers bij blootstelling aan kankerverwekkende stoffen. Dit advies is inmiddels al meer dan 20 jaar uitgangspunt van het overheidsbeleid. Dit voor werknemers geaccepteerde risico is vastgesteld op een kans van overlijden van 4 op 100.000 personen, wanneer de werknemer gedurende 40 jaar zijn blootgesteld aan het betreffende risico. Voor burgers is het geaccepteerde (verwaarloosbare) risico 1 op de miljoen personen, bij levenslange blootstelling (100 jaar).