Mondneusmaskers op de werkplek

Mondneusmaskers op de werkplek
Deze informatie gaat over werkplekken waarbij de mogelijkheid van blootstelling volgt uit het algemene corona besmettingsgevaar in Nederland. Denk aan werksituaties in distributiecentra, kantoren, vleesverwerkende industrie etc. Het gaat hier dus niet over die situaties waarbij blootstelling aan het virus een direct gevolg is van de aard van de werkzaamheden, zoals bijvoorbeeld werken in de Zorg.

Kan er geen afstand worden gehouden? En zijn andere maatregelen volgens de bedrijfsspecifieke Risico-Inventarisatie en -Evaluatie (RI&E) niet uitvoerbaar? Dan kan ter beperking van verspreiding van het coronavirus een mondneusmasker gebruikt worden.

Randvoorwaarden

Inspectie SZW geeft een aantal randvoorwaarden voor het gebruik van deze maskers:

  1. De keuze voor het toepassen van een mondneusmasker voor werknemers (en derden) is door de werkgever onderbouwd in de RI&E.
  2. De mondneusmaskers zijn van voldoende kwaliteit, zodat ze doen waarvoor ze bedoeld zijn, namelijk het tegenhouden van spatten en druppels vanuit de drager. Hieronder volgt meer uitleg over ‘voldoende kwaliteit’.
  3. Voor een goed effect is het nodig dat alle mensen op de werkplek een dergelijk mondneusmasker dragen.

Uitleg ‘voldoende kwaliteit’

Onder punt 2 hierboven hebben we het over een mondneusmasker van ‘voldoende kwaliteit’. Dat is het als het voldoet aan 1 van de volgende criteria:

  • Een ‘niet-medisch’ mondneusmasker voor consumenten dat tenminste voldoet aan de richtlijnen zoals die zijn aangegeven door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). Dit betekent bij voorkeur 3-laags waarbij gebruik is gemaakt van de juiste materialen en andere aanvullende eisen. Bekijk de eisen vanaf pagina 19 in de (Engelstalige) pdf van WHO over mondneusmaskers.  Een fabrikant/leverancier moet dit kunnen aantonen.
  • Een mondneusmasker met een NEN-spec keurmerk. NEN betekent nationale normen. Het gaat om: NEN-spec 1-2:2020-11-09 (Mondkapjes voor publiek gebruik, deel 2, Eisen voor fabrikanten en importeurs in het kader van COVID-19) voor niet-medische gezichtsmaskers. In de productspecificatie is aangegeven dat op basis van testen de minimale filterefficiency 90% is.
  • Een CE-gemarkeerd medisch gezichtsmasker type I, II of IIR (geharmoniseerde norm: EN14683:2019+C1:2019).

In bepaalde situaties kan ook gekozen worden voor een persoonlijk ademhalingsbeschermingsmiddel in de zin van de Arbowet, zoals de FFP-maskers. De keuze hiervoor moet eveneens onderbouwd worden in de RI&E. Deze ademhalingsbeschermingsmiddelen beschermen de drager tegen het inademen van biologische agentia zoals het coronavirus. Deze ademhalingsbeschermingsmiddelen moeten volledig op het gezicht aansluiten.

De FFP-klasse geeft aan hoe goed het masker filtert bij het inademen van schadelijke stoffen. De maskers hebben de opschriften FFP1 (minimaal 80% van de deeltjes wordt tegengehouden), FFP2 (94%) of FFP3 (99%). Ook hebben de maskers een CE-markering. De maskers worden getoetst op basis van de norm NEN-EN 149 +A1 en moeten voldoen aan de Europese Verordening Persoonlijke beschermingsmiddelen (EC 2016/425). Vanaf type FFP2 beschermt dit de drager, mits goed toegepast, tegen inademing van het coronavirus.