Uitzendbureaus en distributiecentra

De aanpak van misstanden aan de onderkant van de arbeidsmarkt staat ook voor 2021 prominent op het programma. Daarbij gaat het niet alleen om de uitzendbureaus, maar ook om inleners. Bijzondere aandacht heeft de problematiek rond de afhankelijkheid van arbeidsmigranten van hun werkgever waar het gaat om werk, huisvesting, zorgverzekeringen en registratie. Bij de aanpak van misstanden zijn meldingen belangrijk.

De gevolgen van de coronapandemie zijn van invloed op de inzet van het programma voor 2021. Online verkopen blijven toenemen en dat zet druk op de arbeidsvoorziening bij distributiecentra. Nu al werken daar veel uitzendkrachten, van wie een aanzienlijk deel bestaat uit arbeidsmigranten. Deze werknemers zijn extra kwetsbaar. Daarnaast ontstaan ook onveilige situaties als gevolg van taalbarrières. In 2021 richt het programma zich in dat verband, naast het risico van te lange werktijden, vooral op aanrijdgevaar in distributiecentra. Concrete meldingen en signalen over onderbetaling en slecht werkgeverschap worden ook onderzocht.

Distributiecentrum

Omdat de problematiek in de uitzendsector breed is, zet het programma sterk in op intensivering van de samenwerking met brancheorganisaties (ABU en NBBU), de vakbonden, de certificerende instantie voor uitzendbureaus (SNA), de ‘cao-politie’ (SNCU) en huisvestingspartijen (SNF en AKF). Ook boort het programma samen met andere programma’s nieuwe samenwerkingspartners en nieuwe samenwerkingsstructuren aan (GGD en Veiligheidsregio’s).

De Inspectie gaat voor herinspectie naar een aantal bedrijven terug waar overtredingen zijn aangetroffen. Bewuste overtreders pakt de Inspectie aan door het inzetten van een brede interventiemix van bestuursrecht en strafrecht. Notoire overtreders krijgen aandacht in een brede netwerkaanpak waarbij de Inspectie met externe diensten en/of publiek-private partijen samenwerkt. Doel is het stoppen van de overtreding en het dwingen tot regelnaleving.

De problematiek beperkt zich niet tot de landsgrenzen. De totstandkoming van de ELA biedt mogelijkheden om in samenwerking misstanden bij grensoverschrijdende uitzendarbeid effectiever aan te pakken. Dat geldt ook voor de inwerkingtreding van bepaalde artikelen in de Wet arbeidsvoorwaarden gedetacheerde werknemers in de Europese Unie (WagwEU), zoals de meld- en controleplicht van dienstontvangers. Er zijn gesprekken met de SVB in gang gezet om tot samenwerking op het vlak van risicoanalyse en eventueel operationele samenwerking te komen. Verder is de samenwerking in het kader van de Benelux-werkgroep Frauduleuze Uitzendkantoren van belang voor zowel kennisdeling als voor operationele samenwerking.