Dwangmaatregelen

De Inspectie SZW kan een dwangsom opleggen, als een maatregel die is voorgeschreven niet is uitgevoerd, ondanks eerder handhavend optreden van de inspecteur. Hierbij kan het bijvoorbeeld gaan om het nalaten van een noodzakelijke beoordeling van de blootstelling aan gevaarlijke stoffen, of het negeren van een eis tot het nabetalen van loon en/of vakantiebijslag terwijl de werknemer daar recht op heeft.

De Inspectie SZW kan zogenaamde bestuursdwangmaatregelen aan een bedrijf opleggen. Bestuursdwangmaatregelen zijn de Last onder Bestuursdwang (LoB) en de last onder Dwangsom (LoD).

Last onder bestuursdwang

Bij een last onder bestuursdwang wordt een overtreding van de wet opgeheven, doordat de overheid hier zelf actie op neemt. Bijvoorbeeld er wordt in opdracht van de overheid een (wettelijk verplichte) meting gedaan naar de hoeveelheid gevaarlijke stoffen in de lucht. De kosten van deze meting wordt verhaald op de werkgever.

Last onder dwangsom

Bij een last onder dwangsom wordt het bedrijf gesommeerd een overtreding op te heffen. Voor elke periode (bijvoorbeeld een week) dat het bedrijf dit niet doet, moet het een dwangsom betalen. Zodra de overtreding is opgeheven, hoeft de dwangsom niet meer betaald te worden. Al opgelegde dwangsommen moeten nog steeds betaald worden.

In het voorbeeld van hierboven kan de overheid ook een last onder dwangsom opleggen: voor elke week dat de meting niet is uitgevoerd moet een dwangsom (meestal een bedrag dat hoger ligt dan de kosten van de meting) betaald worden.

Toepassing dwangmaatregelen

De sanctie bestuursdwangmaatregelen kunnen toegepast worden bij de volgende wetten:

  • Arbeidsomstandighedenwet (alle artikelen van het Arbeidsomstandighedenbesluit waar een boete voor kan worden opgelegd, en de artikelen genoemd in artikel 28b) Arbeidsomstandighedenwet)
  • Besluit Risico Zware Ongevallen (Brzo)
  • Wet Minimumloon (WML)